Jet H.H. Crielaard stelt zich voor
Mijn vader was beer voor het Russisch staatscircus, mijn moeder was uitvinder. Ze zijn net na de oorlog geboren en allebei al een paar jaar met pensioen. Ik heb een broer, hij is kunstenaar. Ook al heeft hij in zijn hele leven maar één keer gewerkt aan één schilderij. Dat is een schilderij van een werkend mens, een zelfportret noemt hij het. Het kunstenfonds vindt hem daarom geniaal en geeft hem elk jaar een miljoen euro, hoeft ‘ie niets voor te doen. Mijn vader, moeder en broer doen dus helemaal niets. Ik vind dat knap hoor, nietsdoen. Ik ben daar niet zo goed in.
Al heel jong was ik niet goed in nietsdoen. In de buik van mijn moeder al niet, ik heb het daar helemaal volgetekend en -geschreven. Toen ik net geboren was moesten ze mijn moeder eerst helemaal schoongummen aan de binnenkant. En tot mijn vijfde heeft ze tipp-exdrankjes moeten drinken om ook de laatste restjes tekening en tekst weg te krijgen.
Toen ik eenmaal naar school mocht, tekende ik met krijt de weg van huis naar school vol, terug schreef ik het verhaal erbij. Thuis en op school zelf heb ik ook veel betekend.
Na de basisschool en de middelbare school mocht ik van mijn ouders niet naar de kunstacademie. Pas toen ik een heel universiteitsgebouw had ingekleurd geloofden ze dat de kunstacademie echt een betere plek was voor mij. En dat klopte wel. Ik maakte schilderijen, stempels, tekeningen, beelden, verhalen, gedichten… het was alsof een bolstaande, overvolle, plaatjes- en praatjeskast werd opengetrokken.
Tot jaren na de kunstacademie is het een rommel geweest rond die kast. Ik probeerde tekeningen bij tekeningen te leggen en schilderijen bij schilderijen, verhalen bij verhalen… tot ik ontdekte dat sommige tekeningen bij sommige verhalen hoorden en sommige schilderijen bij gedichten… kon ik weer opnieuw beginnen.
Tot Jard zich begon te bemoeien met de rommel. Die vond de rommel helemaal geen rommel maar plaatjes en praatjes waar hij om kon lachen. Hij wilde er wel mee op internet, bij www.draj.nl. Toen die site werd opgeheven is Jard, samen met de plaatjes en praatjes, in een boekje gezet. Dat boekje heet ‘Drajboek – plaatjes en praatjes’ en is helaas nergens (meer) te koop.
Jard prikte zich aan een pen, zoals Doornroosje aan het spinnewiel, en slaapt sindsdien. Maar Laski Fantaski en Beere zijn wakker. Hun eerste avonturen staan in de boeken ‘Laski Fantaski gaat het maken’ en ‘Beere’, die via deze en deze site te koop zijn.
Op deze site kun je ook kennismaken met Beere en Laski Fantaski, en met Jard, als je dat niet al gedaan had.
|